Wanneer de Victoriawatervallen worden gevoed door een goed gevulde Zambezi, storten ze met een donderend geraas naar beneden. Een spektakel dat alleen met een regenjas kan worden ontdekt.
Lang voordat we de beroemdste watervallen van Afrika kunnen zien, horen en voelen we ze al. Er klinkt een luid gedonder dat steeds sterker wordt naarmate we dichterbij komen. Er stijgt mist op en waterdruppels vallen op ons gezicht. Hoewel het niet regent, hangt de lucht vol vocht.
In 1851 volgde de ontdekkingsreiziger David Livingstone de Makolos langs de Zambezi tot aan de gigantische watervallen. Hij noemde ze ter ere van de koningin 'Victoriawatervallen'. Sinds 1989 behoren ze tot het werelderfgoed van UNESCO. Dat we tijdens de wandeling langs de watervallen nat worden van de nevelregen, nemen we gelaten op. Die is immers ook verantwoordelijk voor het regenwoud om ons heen, dat een ongelooflijke flora en fauna herbergt en langs de rivier een betoverend decor biedt. De breedste waterval ter wereld is 1708 meter breed en stort 110 meter naar beneden in de smalle kloof.
Van bovenaf krijg je steeds weer nieuwe inzichten in de canyon – het bekendste fotomotief wordt gesierd door de alomtegenwoordige regenboog die zich uitstrekt over de kolkende watermassa's. Wie ondanks alle fascinatie te weinig spanning ervaart, kan tijdens een raftingtocht onder de watervallen strijden met stroomversnellingen van categorie 5. Een avontuur dat ik ook tijdens een van mijn laatste bezoeken hier heb gewaagd. "Heb je een salto gemaakt?" wordt je regelmatig gevraagd als bekend wordt dat je mee hebt gedaan aan de adrenaline-rijke rubberboottocht. "Ik? No way!", antwoord ik dan grijnzend. En inderdaad waren mijn vriendin en ik destijds de enigen die geen "duik" in de golven hebben gemaakt.
Vandaag nemen we genoegen met een wandeling door de jungle langs de watervallen, vroeg in de ochtend – voordat de toeristenmassa's arriveren – om gewoon te genieten van deze bijzondere plek en de indrukken op ons in te laten werken.






